Direct naar de inhoud

Gids · vermogensoverzicht · 8 min lezen

Nettovermogen berekenen: woning, vastgoed, bv en pensioen

Zo berekent u uw nettovermogen: de juiste waarde voor woning, bv en pensioen, latente belastingclaims en waarom consequent waarderen telt.

Gepubliceerd op · Financular

Uw nettovermogen berekent u door alle bezittingen op één peildatum te waarderen en daar alle schulden van af te trekken. Wie een realistisch beeld wil, trekt daarna ook de latente belastingclaims af: de belasting die pas betaald wordt bij verkoop, uitkering of dividend. Bij vermogende particulieren en ondernemers zitten de grootste en lastigste posten meestal in de eigen woning, ander vastgoed, de bv en het pensioen. Daar draait deze gids om.

Wat is het verschil tussen bruto- en nettovermogen?

Het brutovermogen is de optelsom van alles wat u bezit, het nettovermogen is wat overblijft nadat u alle schulden hebt afgetrokken. Dat nettovermogen heet ook wel het eigen vermogen van een particulier, naar analogie van de balans van een onderneming.

Voor wie een groter vermogen heeft, zijn twee getallen te weinig. Een derde regel is nuttig: het nettovermogen na latente belastingen. Een latente belastingclaim is belasting die economisch al op een bezitting drukt, maar pas later wordt geheven, bijvoorbeeld als u de aandelen in uw holding verkoopt of als uw pensioen tot uitkering komt. Een euro in de bv en een euro op een privérekening zijn voor u niet evenveel waard.

Daarnaast helpt het om onderscheid te maken tussen vrij beschikbaar vermogen en vermogen dat vastzit. Pensioenaanspraken kunt u niet opnemen, een eigen woning verkoopt u niet zomaar, en een werkmaatschappij is pas geld waard als iemand haar koopt.

Nettovermogen berekenen in vijf stappen

Een betrouwbare berekening volgt steeds dezelfde volgorde:

  1. Kies een vaste peildatum. Bijvoorbeeld 31 december of 1 januari. Voor box 3 geldt 1 januari als peildatum, dus die datum sluit aan op de aangifte.
  2. Breng alle bezittingen in kaart. Bankrekeningen, beleggingsrekeningen, vastgoed, aandelen in de bv of holding, uitgeleend geld, crypto, kunst of andere waardevolle zaken.
  3. Breng alle schulden in kaart. Hypotheken, andere leningen, een schuld in rekening-courant aan uw eigen bv, nog te betalen belastingen en toegezegde maar niet uitgevoerde schenkingen.
  4. Leg per soort bezitting een waarderingsgrondslag vast. Schrijf op welke waarde u gebruikt (WOZ, taxatie, intrinsieke waarde, contante waarde) en waar het getal vandaan komt.
  5. Bereken de latente claims en presenteer drie regels: bruto, netto en netto na latente belastingen.

Stap 4 is waar de meeste berekeningen ontsporen. Daarom gaan de volgende secties per categorie in op de keuze.

Welke waarde gebruikt u voor de eigen woning en ander vastgoed?

Voor vastgoed is de WOZ-waarde het meest gebruikte en best controleerbare uitgangspunt, maar ze loopt altijd achter. De WOZ-waarde is de marktwaarde op de waardepeildatum, en die peildatum ligt een jaar vóór het belastingjaar: de WOZ-waarde voor 2026 hoort bij 1 januari 2025 (Belastingsamenwerking West-Brabant). In een stijgende markt rekent u zich met de WOZ-waarde dus wat armer, in een dalende markt wat rijker.

Alternatieven zijn een recente taxatie of een eigen schatting op basis van vergelijkbare verkopen. Die zitten dichter bij de actuele marktwaarde, maar zijn duurder of subjectiever. Wie de economische waarde wil benaderen, kan ook rekening houden met verkoopkosten.

Bij verhuurde woningen speelt nog iets. Fiscaal (box 3, schenk- en erfbelasting) wordt een woning met huurbescherming gewaardeerd met de leegwaarderatio: een percentage van de WOZ-waarde dat afhangt van de jaarhuur als percentage van die WOZ-waarde. Volgens de tabel van de Belastingdienst voor 2023 en later loopt dat van 73% (jaarhuur tot 1% van de WOZ-waarde) tot 100% (jaarhuur boven 5%). Bij verhuur aan een gelieerde partij tegen een ongebruikelijke huur geldt de leegwaarderatio vanaf 2026 niet meer en gaat u uit van de volle WOZ-waarde (Belastingdienst). Gebruik de leegwaarderatio voor uw fiscale overzicht, maar meng die fiscale waarde niet ongemerkt met marktwaarden van uw andere panden.

Trek de hypotheek af als schuld bij de schulden, niet als correctie op de woningwaarde. Zo blijft zichtbaar hoeveel vermogen er in stenen zit en hoeveel daarvan gefinancierd is.

Hoe waardeert u uw bv of holding?

Voor een holding die vooral beleggingen, liquide middelen of vastgoed bezit, is de intrinsieke waarde het gangbare uitgangspunt. De intrinsieke waarde is het eigen vermogen van de bv: alle bezittingen min alle schulden, bij voorkeur met de bezittingen tegen actuele marktwaarde in plaats van de boekwaarde uit de jaarrekening.

Voor een werkmaatschappij ligt het anders. Die is vaak meer waard dan haar balans, omdat een koper betaalt voor toekomstige winst. Een waardering op basis van winst of kasstromen is dan realistischer, maar ook onzekerder. Wie geen recente waardering heeft, kan de werkmaatschappij voorzichtig op intrinsieke waarde opnemen en dat expliciet vermelden.

Twee valkuilen komen veel voor:

  • Dubbeltelling. Een rekening-courant met uw bv is in privé een vordering of schuld en in de bv het spiegelbeeld daarvan. Neem in privé de vordering of schuld op en neem de bv op intrinsieke waarde op; dan telt alles één keer.
  • Stille reserves. Bezit de bv vastgoed of beleggingen met een marktwaarde boven de boekwaarde, dan zit er binnen de bv een latente vennootschapsbelasting op dat verschil. Het tarief voor 2026 is 19% over de eerste € 200.000 winst en 25,8% daarboven (KVK).

Bovenop de vennootschapsbelasting komt de box 2-claim in privé, die verderop aan bod komt.

Hoe neemt u pensioen mee in uw nettovermogen?

Pensioen hoort in uw overzicht, maar bij voorkeur als aparte rubriek en niet gewoon opgeteld bij het vrij beschikbare vermogen. Opgebouwd pensioen kunt u niet opnemen, verkopen of schenken, en de uitkering wordt later in box 1 belast.

Op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staan brutobedragen per jaar, geen vermogen (ABP). Wie pensioen als vermogen wil uitdrukken, moet die jaarbedragen omrekenen naar een contante waarde: het bedrag dat de toekomstige uitkeringen vandaag waard zijn, rekening houdend met rente en levensverwachting. De uitkomst hangt sterk af van de rente die u kiest.

Door de Wet toekomst pensioenen krijgen veel deelnemers een persoonlijk pensioenvermogen, uitgedrukt in euro's. Alle regelingen moeten uiterlijk op 1 januari 2028 zijn overgegaan op het nieuwe stelsel (Rijksoverheid). Dat bedrag is verleidelijk om op te tellen, maar het blijft een brutobedrag dat niet vrij opneembaar is. Voor lijfrenterekeningen en banksparen geldt hetzelfde principe: ook daar wacht bij uitkering een box 1-heffing. De AOW laten de meeste mensen buiten de vermogensberekening en nemen ze mee in hun inkomensplanning.

Welke latente belastingclaims trekt u af?

De belangrijkste latente claims voor vermogenden zijn box 2 op de bv, vennootschapsbelasting op stille reserves in de bv en box 1 op pensioen en lijfrente. Op de eigen woning rust onder de huidige regels geen belasting op de verkoopwinst. Voor box 3 is de heffing in beweging; als belasting over het werkelijke rendement wordt ingevoerd, kan voor sommige bezittingen ook daar een claim ontstaan die pas bij verkoop speelt.

Voor box 2 gelden in 2026 twee tarieven: 24,5% over de eerste € 68.843 inkomen uit aanmerkelijk belang en 31% daarboven (KVK). Bij verkoop van aandelen wordt het verschil tussen verkoopprijs en verkrijgingsprijs belast, bij dividend het volledige uitgekeerde bedrag.

Een fictief voorbeeld van één persoon zonder fiscale partner, op een peildatum in 2026:

PostBedrag
Eigen woning (taxatie)€ 1.200.000
Verhuurde woning (marktwaarde)€ 600.000
Beleggingen en banktegoeden€ 900.000
Holding (intrinsieke waarde)€ 2.000.000
Brutovermogen€ 4.700.000
Hypotheek− € 400.000
Nettovermogen€ 4.300.000
Latente box 2-claim holding− € 584.525
Nettovermogen na latente belasting€ 3.715.475
Apart: persoonlijk pensioenvermogen (bruto)€ 500.000

De box 2-claim gaat uit van verkoop van alle aandelen in één jaar met een verkrijgingsprijs van € 100.000. Het voordeel is dan € 1.900.000: 24,5% over € 68.843 (€ 16.866,54) plus 31% over € 1.831.157 (€ 567.658,67), samen afgerond € 584.525. Dat is ongeveer 30,8% van het voordeel. Een eventuele vennootschapsbelasting op stille reserves binnen de holding komt daar nog bij.

De claim is in dit voorbeeld nominaal berekend, alsof u morgen verkoopt. Omdat de belasting vaak pas jaren later wordt betaald, rekenen sommigen met een lager percentage om dat uitstel te verdisconteren. Beide keuzes zijn verdedigbaar, mits u er consequent bij blijft.

Waarom is consequent waarderen belangrijker dan precies?

Een nettovermogen is vooral waardevol als reeks: wat u wilt zien, is hoe het zich over de jaren ontwikkelt. Wisselt u van methode, dan ontstaat een schijnbeweging die niets met uw vermogen te maken heeft. Een woning die het ene jaar op WOZ-waarde en het volgende jaar op taxatiewaarde staat, laat een stijging zien die deels alleen uit de methodewissel komt.

Precisie is bij illiquide bezittingen bovendien grotendeels schijn. De waarde van een werkmaatschappij of een bijzonder pand ligt in een bandbreedte, en een bedrag tot op de euro suggereert een zekerheid die er niet is. Belangrijker is dat de fouten elk jaar in dezelfde richting zitten, zodat de ontwikkeling klopt.

Wat in de praktijk helpt:

  • Leg de grondslag per bezitting schriftelijk vast, inclusief de bron van het getal en de datum waarop het is bijgewerkt.
  • Houd een fiscale en een economische weergave apart. De fiscale weergave gebruikt WOZ-waarden en de leegwaarderatio, de economische weergave marktwaarden en latente claims. Beide zijn nuttig, maar meng ze niet.
  • Herzie een methode alleen bewust, en noteer dan het effect van de wijziging apart, zodat de reeks vergelijkbaar blijft.
  • Bekijk het geheel, niet alleen de onderdelen. Pas wanneer woning, vastgoed, bv, beleggingen en pensioen naast elkaar staan, ziet u hoeveel van uw vermogen vastzit, hoeveel er gefinancierd is en hoeveel belasting er nog op rust.

Dat laatste is waar een actueel vermogensoverzicht over al uw bezittingen het verschil maakt: één peildatum, één set uitgangspunten en een vergelijking van jaar op jaar. Voor de waardering van uw bv, de fiscale gevolgen van verkoop of uitkering en de keuzes binnen uw eigen situatie blijft een fiscalist of adviseur het juiste aanspreekpunt.

Veelgestelde vragen

Hoe bereken ik mijn nettovermogen?

U telt de waarde van al uw bezittingen op één peildatum op en trekt daar al uw schulden van af. Kies per soort bezitting een vaste waarderingsgrondslag, zoals WOZ-waarde of taxatie voor vastgoed en intrinsieke waarde voor een holding. Voor een realistisch beeld trekt u daarna ook latente belastingclaims af, bijvoorbeeld box 2 op uw bv.

Moet ik de WOZ-waarde of de marktwaarde van mijn huis gebruiken?

Beide kan, zolang u elk jaar dezelfde methode gebruikt. De WOZ-waarde is eenvoudig te controleren, maar loopt achter: de WOZ-waarde voor 2026 geldt naar de situatie op 1 januari 2025. Een taxatie benadert de actuele marktwaarde beter, maar kost geld en wisselen tussen methoden veroorzaakt schijnbare stijgingen of dalingen.

Hoe neem ik mijn bv of holding mee in mijn vermogen?

Meestal op intrinsieke waarde: het eigen vermogen van de bv, bij voorkeur met de bezittingen tegen actuele marktwaarde. Bij uitkering of verkoop betaalt u box 2-belasting, in 2026 24,5% tot € 68.843 en 31% daarboven, dus het nettobedrag in privé is lager. Let ook op dubbeltelling via een rekening-courant met de bv.

Telt mijn pensioen mee in mijn nettovermogen?

Het telt mee, maar bij voorkeur als aparte rubriek en niet bij het vrij beschikbare vermogen. Pensioen is niet opneembaar en de uitkering wordt later in box 1 belast. Het pensioenoverzicht toont brutobedragen per jaar; ook een persoonlijk pensioenvermogen onder het nieuwe pensioenstelsel is een brutobedrag.

Wat is een latente belastingclaim?

Een latente belastingclaim is belasting die al op een bezitting drukt, maar pas wordt betaald bij verkoop, dividend of uitkering. Voorbeelden zijn box 2 op aandelen in uw bv, vennootschapsbelasting op stille reserves binnen de bv en box 1 op pensioen en lijfrente. Door die claims af te trekken ziet u wat uw vermogen in privé werkelijk waard is.

Bronnen

Dit artikel is informatief en geen beleggings-, belasting- of juridisch advies. Regels en plannen kunnen veranderen; laat u voor uw eigen situatie adviseren door een fiscalist of adviseur. Financular ontwikkelt software en is geen vermogensbeheerder of adviseur.

Volgende artikel ook ontvangen?

Over box 3, vermogensbelasting, beleggen en overzicht over uw vermogen. Rustig geschreven, op basis van actueel nieuws, zonder verkooppraat.

U ontvangt alleen een e-mail als er een nieuw artikel verschijnt. U bevestigt eerst uw aanmelding en kunt zich met één klik afmelden. Zie de privacyverklaring.

Benieuwd hoe uw eigen vermogen ervoor staat?

Wij bouwen persoonlijke software die al uw rekeningen, beleggingen en bezittingen samenbrengt in één overzicht. Bespreek vrijblijvend wat er mogelijk is.